Hoezeer regels ook belangrijk en noodzakelijk zijn, er zullen altijd situaties zijn waar de regels niet voor bedoeld zijn. Of waar de regels geen recht doen aan de situatie.

Toepassen van regels, zonder te kijken naar de persoonlijke en bijzondere omstandigheden is kil en harteloos en leidt tot een onrechtvaardige die de burger als zijn vijand ziet.

Daarom is het van groot belang dat er bestuurders zijn, wethouders dus, die zich persoonlijk verantwoordelijk voelen voor iedere gemeentelijke beslissing. Voor iedere brief die de deur uitgaat. Voor iedere beschikking of vergunning die verleend wordt, of afgewezen wordt. En dus ook wethouders die het lef hebben om, wanneer de situatie daar om vraagt, af te wijken van de regels. En die in staat zijn om deze beslissing publiekelijk uit te leggen. Dat is gebruik maken van de discretionaire bevoegdheid van bestuurders.

Hiervoor is het nodig dat onze wethouders de gemeente kennen, of minstens de gemeente heel snel leren kennen. En dat geldt natuurlijk ook voor de beleidsregisseurs en -adviseurs van de wethouders. Betrokken bestuurders besparen niet alleen veel frustratie bij inwoners, maar dragen ook bij aan betere besluitvorming en lagere kosten.